Nieuws  >  FOD Volksgezondheid: "Kansen gemist om snelle verspreiding van Covid-19 tegen te gaan"

FOD Volksgezondheid: "Kansen gemist om snelle verspreiding van Covid-19 tegen te gaan"

BRUSSEL 18/09 - De internationale instellingen hebben op zich snel gereageerd na het eerste bevestigde geval van corona uit China, maar toch zijn er nadien kansen gemist om de snelle verspreiding van het virus tegen te gaan. Dat heeft Lieven De Raedt, diensthoofd internationale betrekkingen van de administratie Volksgezondheid, vrijdag verklaard in de bijzondere commissie die zich in de Kamer buigt over de aanpak van de coronacrisis.

Op 31 december van vorig jaar werd de eerste case van corona door China aan de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) gemeld. Een maand later, op 30 januari, kondigde ze het internationaal gezondheidsalarm af. Toen was wereldwijd sprake van 7.818 bevestigde gevallen, waarvan het overgrote deel in China. In België had de Risk Management Group een week voordien al samengezeten.

"De instellingen hebben op zich heel snel gereageerd. Qua snelheid valt er niet veel op af te dingen", concludeerde De Raedt. Toch vindt hij dat er nadien kansen zijn gemist om de snelle verspreiding van het virus te voorkomen. "Het virus zou zich verspreid hebben, maar misschien was die verspreiding wat vertraagd."

Zo kwamen er geen reisrestricties, niet rond China en nadien Italië, waar het virus binnen Europa als eerste lelijk huis hield. Ook werd de case definition, over wie bijvoorbeeld moet worden getest, eerder eng gehouden. Wat het opleggen van quarantaine betreft, zei De Raedt dat het nu de normaalste zaak is die op te leggen voor wie uit een rode zone terugkeert, maar dat was in de beginmaanden niet het geval.

"Op het niveau van de Europese Unie en de WHO zijn kansen laten liggen om van in het begin strikter met de situatie om te gaan, misschien zelfs met de kennis die men toen had", vindt De Raedt, zie benadrukte dat het om een persoonlijke inschatting gaat. De marsrichting was dat de lidstaten ervoor moesten zorgen dat patiënten tijdig werden gedetecteerd en dat de verspreiding van het virus werd voorkomen, maar tot harde politieke maatregelen kwam het de eerste maanden niet.

Volgens De Raedt werd de snelheid van het virus van in het begin onderschat. De 'ieder voor zich'-situatie die zich in maart voordeed, was daar voor een stuk het gevolg van. Er werden volop grenzen afgesloten en sommige landen begonnen mondmaskers in beslag te nemen. "België heeft daar niet aan meegedaan. We mogen er trots op zijn dat we daar niet zijn in meegestapt", vindt De Raedt.

Over de manier waarop België de aanbevelingen heeft toegepast, blijft hij voorzichtig, omdat dat buiten zijn bevoegdheden valt. Maar algemeen vindt hij dat we in ons land "wakker waren". Er was de snelle vergadering van de RMG en uit feedback uit de vergaderingen concludeert De Raedt dat de signalen bij de verantwoordelijken goed waren aangekomen. "Er was altijd oprechte interesse en bereidheid om de adviezen ter harte te nemen. Het was het kompas dat België zo goed mogelijk probeerde op te volgen."

Hij merkt ook op dat internationale richtlijnen niet altijd zwart-wit zijn. Zo stelt de richtlijn van de ECDC over social distancing dat er goede argumenten zijn om scholen te sluiten, maar ook dat zo'n sluiting nefaste gevolgen kan hebben voor kinderen. Over heel veel aspecten worden op die manier afwegingen voorgesteld die de lidstaten dan moeten implementeren.

Toch benadrukt De Raedt het belang van de WHO en de ECDC. Ze bundelen immers enorm veel expertise. Zonder hen zou elke lidstaat apart die kennis moeten bundelen en "dan waren we nog ver van huis."

LOD • Belga

Schrijf u gratis in

Om toegang te krijgen tot nationale en internationale medische informatie op al uw schermen.

Om veiligheidsredenen is uw browser niet compatibel met onze site

We raden u aan een van de volgende browsers te gebruiken: