Dossiers  >   Covid-19  >  Vaccinatie en risico van herinfectie: weg met de mondneusmaskers?

Vaccinatie en risico van herinfectie: weg met de mondneusmaskers?

02/04 - Heel zeker niet, volgens Amerikaanse artsen op basis van de resultaten van een studie door twee universiteiten in Californië. Beide studies omvatten meer dan 35.000 zorgverstrekkers die Pfizer- of Moderna-vaccins kregen toegediend tussen december 2020 en februari 2021. Tijdens die periode was er in deze staat aan de westkust een hoge circulatie van het virus. Uit de studie blijkt dat er een zeldzaam risico is, maar geen nulrisico zoals we zouden kunnen hebben verwacht met de effectiviteitspercentages van beide vaccins in het achterhoofd. De boodschap is dat we de beschermingsmaatregelen tegen SARS-CoV-2, zoals het dragen van een mondneusmasker en social distancing, nog zullen moeten volhouden na de vaccinatie… tot grote ergernis van een bevolking die zal moeten worden overtuigd.

Bij de algemene bevolking overheerst de opinie dat de vaccinatie tegen SARS-CoV-2 synoniem is voor het opheffen van alle beperkende maatregelen zoals het dragen van een mondneusmasker, social distancing, lockdown, et cetera. Virologen zijn een andere mening toegedaan omdat we vandaag nog geen zicht hebben op het aantal mogelijke herinfecties na vaccinatie en ook niet op de waarschijnlijkheid van een mogelijke rol van een gevaccineerde persoon als vector voor het virus, wanneer hij/zij asymptomatisch, maar wel besmettelijk is voor zijn/haar naaste omgeving.
 
Het antwoord op de eerste vraag komt van deze degelijke Amerikaanse studie1 met ongeveer 35.000 gevaccineerde zorgverstrekkers die verbonden zijn aan twee universiteiten in Californië (University of California, San Diego (UCSD) en University of California, Los Angeles (UCLA)), met 36.659 eerste dosissen en 28.184 tweede dosissen van het Pfizer- of Moderna-vaccin tussen 16 december 2020 en 9 februari 2021. De twee universiteiten hebben een screeningssysteem naar SARS-CoV-2 opgezet voor alle asymptomatische zorgverstrekkers, verplicht 1 keer/week vanaf 2 december voor UCSD en vrijblijvend voor UCLA vanaf 16 december.
 
Absoluut risico van ongeveer 1% na vaccinatie
 
In totaal reageerden 379 zorgverstrekkers positief op een RT-PCR-test ten minste een dag na de eerste vaccindosis waarvan bijna driekwart (71%) tijdens de eerste twee weken na de eerste dosis. Van de 28.184 zorgprofessionals die beide doses kregen toegediend, testten er 37 positief waarvan 22 tussen 1 en 7 dagen na de tweede dosis. Slechts 8 zorgverstrekkers kregen een positieve uitslag te horen tussen 8 en 14 dagen na de tweede dosis en 7 na 15 dagen na de tweede injectie. Op datum van 9 februari hadden 5.455 UCSD-zorgverstrekkers en 9.535 van de UCLA een tweede dosis gekregen sinds twee of meer dan twee weken, wat overeenkomt met een positiviteitsratio van 0,05%. In deze cohorte is het absolute risico van een positieve PCR-test voor SARS-CoV-2 na vaccinatie 1,19% bij de zorgprofessionales van UCSD en 0,97% bij die van de UCLA. Deze cijfers liggen hoger dan de percentages in de fase III klinische studies van het mRNA1723-vaccin (Moderna) en dat van BNT162b2 (Pfizer). Pro memorie: de data lieten een geschatte effectiviteit zien van 94,1% voor de preventie van symptomen van een SARS-CoV-2-infectie, 14 dagen na de tweede dosis voor het Moderna-vaccin en 95% 7 dagen na een tweede spuit met het Pfizer-vaccin.
 
 
 
 
Waarom een verhoogd risico? 
 
Voor dit hoger risico zijn er verschillende redenen:
 
1) beide universiteiten zijn intensief gaan screenen bij zowel symptomatische als asymptomatische medewerkers. Wie zoekt, die vindt,
2) de studie vond plaats tijdens een periode waarin de incidentie in Californië hoger was,
3) de demografische kenmerken van de personen in de klinische studies verschillen van die van de zorgverstrekkers in deze real life studie.
 
Deze zorgprofessionals zijn veel jonger en lopen door hun werk een globaal hoger risico van blootstelling aan SARS-CoV-2 dan de personen die aan de fase III klinische studies hebben deelgenomen. Bovendien waren de klinische studies naar de effectiviteit van de vaccins reeds voorbij toen de incidentie van de infectie in Californië toenam. We geven ook nog mee dat asymptomatische personen slechts een keer getest werden in de fase III klinische studies met het Moderna-vaccin, vooraleer ze een tweede dosis kregen toegediend. In de studies met het Pfizer-vaccin voerde men geen enkele test uit.
 
Beschermingsmaatregelen blijven volgen 
 
De auteur besluit dat de uitzonderlijke positieve testen 14 dagen na de toediening van de tweede dosis bemoedigend zijn en dit lijkt erop te wijzen dat de effectiviteit van deze vaccins zoals die beschreven is in de fase III-studies ook in real life voorkomen, in ieder geval een real life dat aan meer risico's is blootgesteld dan Jan Modaal die niet als zorgverstrekker aan de slag is. Voor de auteur betekent dit echter niet dat men alle beschermingsmaatregelen niet meer moet opvolgen, zelfs daar waar de vaccinatiegraad hoog is en dit tot er een significante groepsimmuniteit is bereikt.
 
Het is enkel op dat ogenblik dat we (misschien) de mondneusmaskers achterwege zullen mogen laten…
 
 
 
Referentie
 
1.Keehner J, et al. NEJM 2021 March 23.DOI: 10.1056/NEJMc2101927
 
 
SARS-CoV-2 Infection after Vaccination in Health Care Workers in California

Dr Claude Biéva - Belangenconflicten: geen •

Om veiligheidsredenen is uw browser niet compatibel met onze site

We raden u aan een van de volgende browsers te gebruiken: