Medisch  >  Leeftijdsgebonden veranderingen in de slaap kunnen een impact hebben op de cognitie

Leeftijdsgebonden veranderingen in de slaap kunnen een impact hebben op de cognitie

19/11 - Slaap verandert naarmate we ouder worden, en sommige van deze veranderingen kunnen een impact hebben op de cognitie, rapporteren onderzoekers in twee nieuwe studies die gepubliceerd werden in Nature Human Behavior.

Een heranalyse van gegevens van meer dan een miljoen mensen in drie landen stelde vast dat bepaalde kenmerken van de slaap - duur, slapeloosheid en slaperigheid overdag - veranderen naarmate mensen ouder worden. Een tweede studie, waarin het EEG (elektro-encefalogram) van bijna 4.000 oudere volwassenen over een hele nacht werd bestudeerd, ontdekte dat bepaalde parameters van de slaapmacro- en microarchitectuur predictief zijn voor de cognitieve prestaties.

Je kan slaap zien als een venster op de hersenactiviteit, verklaarde de hoofdauteur van het EEG-onderzoek, Shaun Purcell, associate professor psychiatrie aan Harvard Medical School en Brigham and Women's Hospital in Boston. "Slaap is een goed moment om de hersenactiviteit te bestuderen, vrij van externe prikkels," noteerde Purcell.

"We ontdekten dat het niet de totale hoeveelheid slaap was en zelfs niet hoe mensen zich 's ochtends voelden - uitgerust of moe - maar echt de 'onzichtbare' slaapstructuren die een rol speelden," aldus Purcell. "Mensen die cognitief jonger of gezonder waren, hadden meer dromen of REM-slaap."

De REM-slaap wordt beheerst door het cholinerge systeem, en dat is misschien de reden waarom het een marker is voor de cognitieve gezondheid, verklaarde Purcell. Dit systeem blijkt ook betrokken te zijn bij de ziekte van Alzheimer.


Er waren ook verschillen in de slow-wave-slaap die gecorreleerd leken te zijn met de cognitieve gezondheid, noteerde Purcell. "Voor de cognitie is het niet zozeer de totale tijd doorgebracht in slow-wave-slaap, maar eerder de precieze kwaliteit van de slow-wave-slaap die van belang is," verklaarde hij en hij voegde eraan toe dat het slow-wave-signaal afgezwakt leek te zijn bij ouderen.

Om de verschillende slaapparameters grondiger te bestuderen, analyseerden Purcell en zijn team de gegevens van de cognitieve testen en EEG-registraties verzameld in een aanvullende studie van twee bestaande cohorten: de Multi-Ethnic Study of Atherosclerosis (MESA) en de Osteoporotic Fractures in Men Study (MrOS).

Samen met de polysomnografie werd de cognitie getest bij de 1.595 mannen en vrouwen in MESA en de 2.224 mannen in MrOS. De deelnemers aan MESA werden geëvalueerd met vier instrumenten: de Digit Symbol Coding Test, het Cognitive Abilities Screening Instrument (CASI) en de Digit span test vooruit en achteruit. De deelnemers aan MrOS werden geëvalueerd met drie instrumenten: Trails B, een uitgebreide versie van de Mini-Mental State Examination en de Digit Vigilance Test. De deelnemers aan MESA varieerden in leeftijd van 54 tot 93 jaar, terwijl deze in MrOs in leeftijd varieerden van 67 tot 96 jaar.

In totaal evalueerden 23 van de 173 parameters de voorspelde cognitieve prestaties, en de verwerkingssnelheid in het bijzonder, met effecten die grotendeels onafhankelijk waren van de grove veranderingen in slaapkwaliteit en -kwantiteit, zo bleek uit de studie. "Globaal genomen, wijzen onze resultaten op meerdere facetten van de slaapneurofysiologie die coherent overeenstemmen met onderliggende, leeftijdsafhankelijke determinanten van cognitieve en fysieke gezondheidstrajecten bij oudere volwassenen," concluderen de auteurs.

In de meta-analyse ontdekten de onderzoekers ook dat veranderingen in zelf-gerapporteerde slaapkwaliteit overeenstemden met de leeftijd. De auteurs analyseerden studies die gepubliceerd werden tussen 2000 en 2017 en die gegevens bevatten over de slaap in de algemene bevolking, beoordeeld met vragenlijsten. Ze focusten op resultaten van 200.358 Nederlandse deelnemers van 1 tot 100 jaar, 471.759 deelnemers in het VK van 40 tot 69 jaar en 409.617 Amerikaanse deelnemers van 18 jaar en ouder.

Eén op de vier deelnemers sliep minder dan de leeftijdsspecifieke aanbevelingen, maar slechts 5,8% sliep buiten de 'aanvaardbare' slaapduur. Tieners neigden totale slaaptijden te rapporteren die minder waren dan de aanbevolen 8 tot 10 uur, waarbij 18% verklaarde dat ze zich overdag slaperig voelden. Van de deelnemers van 18 jaar en ouder meldde 13,3% een slechte slaapkwaliteit en 9,6% tot 19,4% meldde symptomen van slapeloosheid.

Globaal nam de tijd die mensen doorbrachten in hun bed af ​​met de leeftijd, en dit nivelleerde rond de leeftijd van 65 jaar.

Slapeloosheid kwam het minst frequent voor bij 26- tot 40-jarigen en het meest frequent bij personen ouder dan 65 jaar. Vrouwen van 41 jaar en ouder meldden dat ze kortere perioden of iets minder efficiënt sliepen dan mannen.

"Aangezien slechte slaap vaker voorkomt dan korte slaap ... zouden de aanbevelingen voor het verbeteren van de slaap wellicht meer gericht moeten zijn op de slaapkwaliteit," noteren de auteurs, onder leiding van Desana Kocevska van het Erasmus MC Universitair Medisch Centrum in Rotterdam.

De auteurs reageerden niet op een vraag naar commentaar.

Dit zijn twee boeiende toevoegingen aan de slaapliteratuur, verklaarde Kristine Wilckens, assistant professor psychiatrie aan de University of Pittsburgh, die niet betrokken was bij de studies.

"Wat vooral belangrijk is aan de meta-analyse van de slaap over het hele leven, is het aantal deelnemers waarop deze meta-analyse is gebaseerd," verklaarde Wilckens via e-mail. "Een groot voordeel van zo'n grote steekproef is dat de onderzoekers in staat waren om de effecten te bestuderen over de hele levensduur ... Deze paper toont een duidelijke afname in de tijd doorgebracht in bed en de totale slaaptijd met toenemende leeftijd, alsook een afname van de slaapefficiëntie, dit is de hoeveelheid tijd die wordt doorgebracht met slapen terwijl je in bed probeert te slapen."

Een belangrijk uniek aspect van de EEG-studie is het aantal slaapvariabelen dat ze hebben getest, noteerde Wilckens. "Andere slaapstudies selecteren vaak slechts enkele slaapparameters gebaseerd op specifieke hypothesen," voegde ze eraan toe. "Maar deze studie gebruikte een data-driven benadering… wat betekent dat ze de gegevens laten vertellen welke specifieke slaapparameters het sterkst gerelateerd zijn aan de cognitieve prestaties."

"De bevindingen van deze studie helpen ons om de specifieke fysiologische aspecten van de slaap die het sterkst geassocieerd zijn met cognitie, te identificeren," voegde ze eraan toe. "Van daaruit is de volgende stap om te werken aan manieren om te richten op die specifieke slaapkenmerken en ze te verbeteren met als doel om de cognitie te verbeteren via de slaap."

Dr. Makoto Kawai prees de auteurs van de polysomnografie studie bij ouderen omwille van haar steekproefgrootte.

"Vaak zijn de gegevens van ouderen niet gevoelig genoeg om te bewijzen dat een goede slaapkwaliteit essentieel is voor de gezondheid van de hersenen," verklaarde Dr. Kawai, clinical associate professor aan het departement Slaapgeneeskunde van de Stanford University School of Medicine in Californië, die ook niet betrokken was bij de studies. "In de studie bij oudere volwassenen kan je, dankzij de enorme steekproefgrootte, zien dat als je de slaappatronen die je hebt op jongere leeftijd kan behouden naarmate je ouder wordt, dit goed is voor je hersenen. Ik denk dat hun benadering zeer krachtig is."

Een beperking van deze studie is dat de cognitieve testen "ruw" zijn, aldus Dr. Kawai. "Het is duidelijk dat de gebruikte testen gekozen werden omdat ze eenvoudiger zijn en je ze gemakkelijker kan afnemen bij een groot aantal mensen."

De epidemiologische studie "bevestigt wat we weten," noteerde Dr. Kawai. "Ze toont aan dat zelfs in onze moderne wereld mensen niet veel veranderd zijn en nog steeds 7 tot 8 uur slaap nodig hebben. Je ziet wel enkele interessante leeftijdseffecten. Acht uur wordt meestal aanbevolen voor mensen van middelbare leeftijd en 7,5 uur voor oudere mensen."

Sleep characteristics across the lifespan in 1.1 million people from the Netherlands, United Kingdom and United States: a systematic review and meta-analysis
Macro and micro sleep architecture and cognitive performance in older adults

Om veiligheidsredenen is uw browser niet compatibel met onze site

We raden u aan een van de volgende browsers te gebruiken: