Dossiers  >   Depressie  >  Depressie en angst zijn biochemisch verschillend

Depressie en angst zijn biochemisch verschillend

Depressie en angst hebben vergelijkbare symptomen en risicofactoren, komen vaak samen voor en worden daarom verondersteld nauw verband te houden.

Maar voor de eerste keer heeft een studie aangetoond dat depressie en angst verschillende biochemische associaties hebben met inflammatie en lipidenmetabolisme, wat suggereert dat meer gerichte behandelingen mogelijk zijn, aldus onderzoekers.

Hilde de Kluiver, een doctoraatsstudent psychiatrie aan Amsterdam UMC, presenteerde het onderzoek op het virtueel congres van de European College of Neuropsychopharmacology (ECNP).

De deelnemers waren afkomstig van de Netherlands Study of Anxiety and Depression (NESDA) en omvatten 304 personen met huidige depressie, 548 met angst, 531 met gelijktijdig voorkomende depressie en angst, 807 met stoornissen in remissie en 634 gezonde controles. De bloedstalen van alle deelnemers werden getest op associaties tussen 40 metabolieten en symptomen van depressie en angst.

Van de 40 metabolome markers, waren 13 significant verschillend tussen de groepen. Het betrof glycoproteïne acetyls, docosahexaeenzuur, totale omega-3 vetzuren, serum totale triglyceriden, triglyceriden in very low-density lipoprotein (VLDL), totale fosfoglyceriden, apoliproproteïne B, gemiddelde diameter voor VLDL partikels, VLDL cholesterol, remnant cholesterol, glucose, acetoacetaat en geschatte graad van onverzadiging.

In vergelijking met gezonde controles, werden de meeste afwijkingen in metabolome markers gevonden in de groep met alleen depressie en ze weerspiegelden een inflammatoir en atherogeen-lipoproteïne profiel.

"De depressieve groep toonde tekenen van grotere inflammatie die niet werd waargenomen in de groep met angst," noteerde de Kluiver in een verklaring van de conferentie.

De depressieve groep had ook zeer verschillende hoeveelheden en types lipiden in hun bloed. "Bijvoorbeeld, depressieve personen hadden hoge spiegels triglyceriden, maar lagere spiegels omega-3-vetzuren. Personen met angststoornissen daarentegen, hadden een lipidensamenstelling die zeer vergelijkbaar was met deze van de gezonde controlegroep," verklaarde de Kluiver.

De comorbide groep had een enigszins afgezwakt maar vergelijkbaar patroon van afwijkingen, terwijl er geen metabolome stoornissen werden waargenomen bij personen met alleen angst of stoornissen in remissie.

De onderzoekers stelden ook vast dat de meeste van de metabolieten die geassocieerd waren met depressie, ook geassocieerd waren met de ernst van de depressie. Patiënten met meer verstoorde biomarkers neigden ergere depressie te hebben.

"We hopen dat de resultaten van onze studie bijdragen tot nieuwe behandelingen van depressie. Een route die we wensen te volgen, is te onderzoeken of immunometabole interventies selectief werken voor depressie," verklaarde de Kluiver via email aan Reuters Health.

De onderzoekers hopen ook te identificeren welke specifieke symptomen van depressie geassocieerd zijn met de metabole markers die ze identificeerden. "We voeren ook een follow-up uit met meer gedetailleerde metabolomica en genomica studies om deze verschillen op meer gedetailleerd moleculair niveau te begrijpen," verklaarde de Kluiver aan Reuters Health.

Ze verklaarde ook dat het "momenteel onduidelijk is" waarom depressie en angst verschillende profielen hebben. "Het zou kunnen dat het specifieke profiel voor de diagnose van depressie causaal is voor, of een gevolg is van, de diagnose van depressie, wat niet het geval is voor angst," noteerde de Kluiver.

In een verklaring van de conferentie, noteerde Dr. Philippe Nuss, van Hopital Saint-Antoine, in Parijs, dat de studie om meerdere redenen belangrijk is.

"Ten eerste identificeert ze gemakkelijk te meten bloed biomarkers die een subtype van depressie karakteriseren waarvan het onderliggende mechanisme specifiek is en wellicht een aangepaste behandeling zal vereisen. Ze benadrukt ook het feit dat mentale stoornissen moeten gezien worden in het perspectief van het hele lichaam waarbij belangrijke regulerende fysiologische systemen zoals immuniteit en lipidenmetabolisme betrokken zijn," verklaarde Dr. Nuss.

Omdat immuniteit en lipiden sterk betrokken zijn bij het hersenmetabolisme, is het niet verrassend dat deze studie aantoont dat de ernst van depressie groter is bij patiënten met meer verstoorde biomarkers, voegde hij eraan toe.

European College of Neuropsychopharmacology Virtual 2020 Congress.

Om veiligheidsredenen is uw browser niet compatibel met onze site

We raden u aan een van de volgende browsers te gebruiken: